logo doorzichtig

 

Notitie donorschap


Donor na overlijden

Een wel/geen bezwaar discussie?


De donatie van organen of weefsels na overlijden levert een belangrijke bijdrage aan overlevingskansen van Nederlanders met chronische of acute ziekten met slechte medische vooruitzichten. Helaas zijn er in Nederland onvoldoende donoren om alle patiënten die wachten op een transplantatie, op tijd te kunnen helpen. Het is al jaren een trend dat er meer patiënten op de wachtlijst bijkomen dan dat er per jaar getransplanteerd worden.

Zo oud als het donorschap is ook de discussie over de toestemming voor het donorschap. In Nederland hanteren wij het principe dat de donor bij leven actief moet aangeven dat zijn organen na overlijden gebruikt mogen worden voor donatie. Dit ‘expliciete donorschap’ wordt ook wel toe-/instemmingsysteem of ‘opt-in’ systeemgenoemd en is bekend van het Donor Codicil. In een aantal andere landen is iedereen “automatisch” donor, tenzij een persoon bij leven aangeeft dat niet te willen. Dit kennen we als het bezwaarsysteem, ‘impliciete donorschap’, of ‘opt-out’ systeem. Beide systemen worden in Europa gehanteerd (zie onderstaande tabel).


'Opt Out' (Presumed Consent)
'Opt In' (Informed Consent)
België (1986)
Cyprus
Finland
Denemarken
Frankrijk
Duitsland (1997)
Italië
Griekenland
Luxemburg (1982)
Groot Brittanië
Oostenrijk (2000)
Ierland
Portugal
Nederland (1996)
Slovenië (2000)
Noorwegen
Spanje
Turkije
Zweden
Hongarije
Kroatië (2004)



De discussie over voor- en nadelen van het expliciete en het impliciete donorschap is eind 2012 weer opgelaaid, naar aanleiding van een brief van D’66 aan de Tweede Kamer. Er zijn voor beide systemen goede argumenten te noemen, personen hebben (gelukkig) een verschillende mening, maar realiteit is dat het debat vaak resulteert in een ‘welles-nietes’ discussie. In de ons omringende landen fungeren de verschillende systemen en ook zijn er verschillen in het aantal donoren. De vraag is in hoeverre het aantal donoren te maken heeft met het expliciete of impliciete systeem, immers een duidelijk causale relatie met het aantal beschikbare organen staat niet vast¹. Wanneer je kijkt naar de landen met het grootste aantal donoren valt vooral op dat deze landen meer aan communicatie, promotie en voorlichting doen². Wij vinden dit belangrijk omdat meer kennis nodig is. Op dit moment is nog altijd een veelgehoorde argument tegen donatie ‘als ik donor zou zijn dan halen ze eerder de stekker eruit’. Dat is niet zo, maar dit beeld leeft toch onder de bevolking.

Wij zouden liever de aandacht in het debat over de expliciete versus het impliciete donorschap systeem willen verschuiven en meer focussen op de vraag: hoe gaan wij de voorlichting en communicatie over het belang van het donorschap verbeteren? Een beter besef van het belang en minder ongegronde angsten voor wat het betekent om donor te zijn is het belangrijkste. Grote publiekscampagnes alleen zijn niet toereikend, deze zouden ondersteund moeten worden door kleinere groepen persoonlijker te benaderen. Personeel werkzaam in de medische sector (artsen en verpleegkundigen) zouden meer begeleiding in het ziekenhuis kunnen realiseren voor potentiële donoren en hun nabestaanden. Tevens zou het geven van voorlichting op bijvoorbeeld scholen of verenigingen meer aandacht voor dit onderwerp kunnen creëren. Het doel zou moeten zijn om het onderwerp beter bespreekbaar te maken en alle vooroordelen en angsten weg te nemen die nu voor potentiele donors een belemmering vormen om zich daadwerkelijk aan te melden. Deze factoren samen zullen meer bijdragen aan de benodigde stijging van het aantal orgaandonoren dan nog meer aandacht voor de ‘welles-niettes’ discussie.

Binnen de Eurotransplant lidstaten variëren de donatie aantallen (zie figuur 1). Uit deze data blijkt een hoger donor aantal in de landen met een ‘opt-out’ systeem dan in de landen met een ‘opt-in’ systeem. Uit onderzoek en publicaties blijkt echter dat er niet per definitie meer voordelen zijn aan het ‘opt-out’ versus het ‘opt-in’ Systeem1.Wanneer je kijkt naar de landen met het meeste aantal donoren valt op dat deze landen meer aan communicatie, promotie en voorlichting doen. Het Europese land Kroatië is hier een goed voorbeeld van (ook al hanteren zij het ‘opt-out’ systeem). Bij deze variant van het systeem wordt nog wel toestemming gevraagd aan de nabestaanden voordat een potentiële donor kan worden aangemerkt als orgaandonor. Voor en na het toetreden bij Eurotransplant heeft Kroatië laten zien dat een goed uitgewerkte orgaandonatie infrastructuur, financiële vergoedingen aan ziekenhuizen, wetgeving en actief campagne voeren om het imago van orgaandonatie en -transplantatie te verbeteren, zeer gunstig heeft uitgepakt².


Fig 1: Organ Donation in PMP 2012 (min. 1 organ per transplantation)

grafiekje

© Eurotransplant


Bronnen

1) De invloed van beslissystemen op de beschikbaarheid van donororganen: een internationale vergelijking. Hans Maarse en TifannyIstamto. Maastricht University, Faculty of Health, Medicine and Life Sciences, Department of Health, Organisation, Policy and Economics, Maastricht, februari 2008.
Link

2) Presentatie van MirelaBušić “How Croatia was able to increase organ donation” Annual Eurotransplant Winter Meeting 2012 Alpach.
Link (wachtwoord nodig)


UP